Will it be rain tonight?
01.08.2008
Een tijdje geleden, nietwaar? Maar we reizen onversaagd verder door het ruwe Canadese landschap dat ons weinig middelen biedt tot communicatie met het thuisfront. (Zo werkt onze Amerikaanse GSM hier niet, en die van thuis nog minder. En internet vind je alleen in bibliotheken, die betrekkelijk schaars zijn in dit ongecultiveerde gebied.)
Eerst even de coördinaten bepalen. Op dit moment zijn we in Rivière du Loup, in het noorden van de provincie Quebec. We zijn op weg naar de stad Quebec. Gros Morne hebben we niet gehaald omdat de reis erheen te omslachtig bleek. We zouden veel te lang moeten rijden en varen om dan uiteindelijk maar twee dagen in het park te verblijven. Daarenboven is het weer al een tijdje ondermaats. Regen, veel regen. Gelukkig beschikken we over een bovenstebeste tent en kunnen we `s nachts onverstoord slapen. (Dank u, Michiel en Valerie!!!) Rustig slapen, ja, nadat ik alle vreemde geluiden gedetermineerd heb. Angsthaas die ik soms ben. Zo hield het zielig kreunende diertje me een aantal dagen geleden toch eventjes wakker. En nee, beste lezer, het kreunende diertje is geen metafoor voor mijn reisgezel.
Et alors. Want inderdaad, we zijn aangekomen in het Franstalige gedeelte van Canada. Het Frans dat hier gesproken wordt houdt - bij het horen op afstand - ergens het midden tussen Duits en een of ander ongelikte berentaaltje. LELIJK!!! En wij maar onze `r`laten rollen!!
Tussen de plensbuien door beleven we - dixit P - "best leuke tijden". We kunnen alweer een aantal diertjes aanstippen op onze to-see-list. Walvissen. Jawel. Ik heb me niet moeten overgeven aan de eerste de beste beer in Canada. En eerlijk is eerlijk: tot onze grote spijt, hebben we ook geen beren meer gezien, en ook geen moose...
Wat we wel gezien hebben, zijn walvissen. Ondergetekende werd weer ontroerd door zo veel natuurgeweld. Ik schets even het plaatje. Na een zeiltocht van ongeveer drie uur had ik de moed al opgegeven. Het enige wat ons oog gestreeld had, waren enkele logge zeeleeuwen die gezellig lagen te soezen in de zon op een eilandje voor de kusten van Pearls Harbour.
Na drie en een half uur werd mijn wel zeer ongeoefend geduld uiteindelijk beloond. We kwamen terecht in een reuzegrote school haringen, waar drie `minke whales`onbekommerd hun middagmaal aan het nuttigen waren. Nu zijn `minke whales`niet de stereotiepe walvissen die elk van ons in zijn hoofd heeft (reusachtige beesten met bolle buik en immense staart die plat op het water slaat?), maar het schouwspel zorgde er toch voor dat ik met mijn neus op de feiten gedrukt werd. Een mens is slechts klein bier in vergelijking met zo`n krachtig beest. Geen dolfijntjes die in ruil voor hun kunstjes een visje krijgen in het Boudewijnpark Dolfinarium. Nee, wilde zeereuzen die slechts met behulp van hun instinct duizenden kilometers ver zwemmen naar de Fundy Bay om daar de zomer door te brengen en voedsel te zoeken. Nu ik erover schrijf, zie ik het weer voor me. Hoe hun reusachtige lijven rustig door het water gleden. Boven hen het gekrijs van een honderdtal hongerige meeuwen die in het water doken, rond elkaar dansten en met elkaar vochten om een stukje vis. En naast dit alles kleine bruinvissen (pijlsnelle dolfijnachtige wezentjes) die vrolijk onder de zeilboot heen en weer zwommen.
De tijd dringt weer. Slechts een halfuur had ik om dit neer te schrijven. Overmorgen meer, misschien. Vanuit Quebec.
DagDag.
Geplaatst door ValerieTac 10:39 AM





